Foto: LKV | Nurit Lifshitz
Maanden van voorbereiding, stapels contracten en een zoektocht naar de perfecte locatie gingen vooraf aan één avond vol kunst, community en verrassende biedingen.
Vlak voordat de jaarlijkse kunstveiling van de Leidse Kunsthistorische Vereniging van start zou gaan, sloeg achter de schermen even de paniek toe. De zaal stond klaar, de kunstwerken hingen op hun plek, het publiek druppelde binnen – maar de commissie was één cruciaal ding vergeten: de veilinghamer.
“De hamer lag nog in een ander gebouw,” vertelt commissielid Hanna Urbach. “We moesten bijna improviseren met een verfkwast.” Gelukkig had een professor nog toegang tot het gebouw na sluitingstijd en werd de hamer enkele minuten voor het eerste bod alsnog opgehaald. Crisis afgewend.
Het moment vat de sfeer van de LKV-veiling eigenlijk perfect samen: deels professionele kunstveiling, deels georganiseerde studentenchaos.
Maanden werk voor één avond
Elk jaar brengt studievereniging De Leidse Kunsthistorische Vereniging jonge kunstenaars, studenten, verzamelaars, vrienden, familieleden en nieuwsgierige bezoekers samen voor een avond vol kunst, biedingen en verrassingen. Maar waar bezoekers vooral de uiteindelijke avond zien – de volle zaal, de veilingmeester met hamer en de kunstwerken op ezels – gaan daar maanden voorbereiding aan vooraf.
“Een heleboel vergaderingen,” zegt commissielid Hylkia Halbertsma lachend. “We hadden allemaal ambitieuze ideeën en dingen die we wilden uitproberen.” Die voorbereiding begon al in september. De commissie brainstormde over locaties, zocht kunstenaars, legde contacten met sponsoren en het goede doel van dit jaar, en verdeelde de taken onderling. Sommigen hielden zich bezig met kunstenaarscontacten, anderen met de catalogus, contracten of social media.
“De hoeveelheid tijd die erin ging zitten, verraste me wel. Uiteindelijk zijn we er zo’n acht maanden mee bezig geweest,” vertelt Marianne Heemskerk, die binnen de commissie verantwoordelijk was voor het contact met de locatie en het goede doel.
“Aan het einde moest ik soms zelfs twee of drie berichten per dag plaatsen om alles nog op tijd online te krijgen,” vertelt Nurit Lifshitz, die verantwoordelijk was voor de fotografie en social media van de veiling.
Dit jaar stond de veiling in het teken van het thema Community. Kunstenaars kregen de opdracht werk te maken of aan te leveren dat aansloot bij dat onderwerp. Voor het eerst was deelname aan het thema niet vrijblijvend. “Daar ben ik achteraf heel blij mee,” zegt commissievoorzitter Juliet Janssen. “Het zorgde voor een mooie, samenhangende collectie.”
Kunst voor een goed doel
De commissie vond kunstenaars via Instagram, kunstacademies en persoonlijke netwerken. Daarbij werd bewust gezocht naar verschillende stijlen en media, van fotografie en textiel tot poëzie.
De keuze voor het thema was niet toevallig. Elk jaar koppelt de commissie de veiling aan een goed doel. Dit jaar was dat Jeugdfonds Sport & Cultuur, een organisatie die kinderen en jongeren ondersteunt voor wie deelname aan sport- en cultuuractiviteiten niet vanzelfsprekend is. Met de veiling werd uiteindelijk €379 opgehaald voor het fonds.
Wat de LKV-veiling bijzonder maakt, is de laagdrempeligheid. Voor veel kunstenaars was het de eerste keer dat hun werk geveild werd. Voor veel bezoekers was het de eerste keer dat ze überhaupt een veiling bezochten. “Dat maakte de sfeer heel open en ontspannen,” zegt Urbach.
Volgens de commissie vormt de veiling een toegankelijk alternatief voor de vaak gesloten en exclusieve kunstwereld. “De kunstwereld is best elitair en moeilijk om binnen te komen,” zegt Lifshitz. “De LKV-veiling is een goede eerste stap.”
Achter die toegankelijke sfeer gaat ondertussen een verrassend professionele organisatie schuil. Maandenlang hield de commissie zich bezig met contracten, regelgeving, eigendomsrechten, sponsorafspraken en eindeloze spreadsheets.
“Het is eigenlijk veel serieuzer dan mensen denken,” vertelt commissielid Sandy Cheung, die verantwoordelijk was voor kunstenaarscontacten. “Je kunt niet zomaar wat kunst verzamelen en het op een avond verkopen.”
Van kapotte liftlampen tot locatieproblemen
Soms werd die logistieke kant behoorlijk absurd. Zo moesten commissieleden zware ezels verplaatsen tussen verschillende gebouwen in Leiden. Eerst naar Arsenaal voor de fotoshoot van de catalogus, daarna naar het Lipsiusgebouw voor de veiling zelf.
“Ze waren zo groot dat we eerst de hoogte moesten aanpassen voordat ze in de lift pasten,” vertelt Cheung. “Op een gegeven moment stootten we zelfs een lamp in de lift kapot.”
Alsof dat nog niet genoeg was, kreeg de commissie ook te maken met een locatieprobleem. Aanvankelijk droomde men van een veiling in het historische Academiegebouw. De klassieke uitstraling leek perfect te passen bij een kunstveiling. Maar na maanden van overleg bleek het plan financieel en praktisch nauwelijks haalbaar.
“We probeerden echt alles om het voor elkaar te krijgen,” zegt Halbertsma. “Maar uiteindelijk moesten we accepteren dat het toch weer het Lipsiusgebouw werd.”
Een universiteitskantine dus, in plaats van een monumentale zaal. Maar toen de avond eenmaal begon, leek niemand zich daar nog druk om te maken. De zaal zat vol met kunstenaars, vrienden, familieleden, studenten, professoren en andere kunstliefhebbers. Volgens de commissie was de energie hoger dan verwacht. Sommige werken zorgden zelfs voor echte biedoorlogen.
Zo raakten de ouders van Urbach verwikkeld in een strijd om een kunstwerk. En misschien nog opmerkelijker: ook de veilingmeester zelf bleek niet immuun voor de verleiding van de collectie. Tijdens het veilen van een werk vroeg veilingsmeester Chiara Schmidinger plotseling of zij zelf mocht meebieden. De commissie stemde lachend toe. Uiteindelijk won ze het werk en ging ze ermee naar huis.
Meer dan alleen een veiling
Juist dat soort momenten maken duidelijk waarom de LKV-veiling anders voelt dan een traditionele kunstveiling. De afstand tussen kunstenaars, organisatoren en publiek is klein. Kunstenaars vertellen zelf over hun werk, bezoekers kunnen na afloop met hen in gesprek en commissieleden gaan soms zelfs naar huis met kunstwerken die ze maandenlang hebben helpen promoten.
Voor Janssen is dat misschien wel het belangrijkste aspect van de avond: “We doen echt ons best om kunstenaars een platform te geven,” zegt ze. “Het is bijzonder om een plek te creëren waar kunstenaars direct contact hebben met de mensen die hun werk kopen.”
Aan het einde van de avond waren maanden vol vergaderingen, socialmediaposts, contracten, verhuisde ezels en last-minute stress uitgegroeid tot iets groters dan alleen een kunstveiling.
Voor één avond bouwde een groep studenten tussen de negentien en drieëntwintig jaar hun eigen miniatuurversie van de kunstwereld: soms chaotisch, soms geïmproviseerd, maar vooral gedreven door enthousiasme, ambitie en een sterk gevoel van gemeenschap.


